Jaren en jaren geleden heb ik op tv eens een programma gezien waarin Mickey Huibregtsen, ooit managing partner bij McKinsey, politici vroeg wat volgens hen de belangrijkste onderwerpen waren waar ze zich mee bezig zouden moeten houden. Vervolgens vroeg hij ze aan welke onderwerpen ze de meeste tijd besteedden. De uitkomst was niet verrassend: politici bleken zich met allerlei onderwerpen bezig te houden maar relatief weinig tijd te besteden aan onderwerpen die er echt toe doen.
En zo is het denk ik nog steeds. Op dit moment wordt in de Utrechtse gemeenteraad de Voorjaarsnota behandeld en ik zie het ene na het andere balonnetjes opstijgen. Dancing in de Jaarbeurs, barbecues in stadsparken, scooteroverlast, een rechtvaardige afvalstoffenheffing, enzovoorts, enzovoorts.
Terwijl een onderwerp wat er echt toe doet, de hoge werkloosheid onder allochtonen, tot voor kort niet eens op de agenda van de Utrechtse politici stond. En het gaat hier toch om een serieus probleem. De werkloosheid onder allochtonen is drie keer zo hoog als onder autochtonen. Bijna één op de drie allochtone jongeren is werkloos.
Daarom is de werkloosheid in Overvecht het hoogst van heel Utrecht en daarom zijn daar zoveel problemen. Die miljoen extra die het college in de de aanpak van de radicalisering steekt, kan beter aan de aanpak van de werkloosheid in Overvecht besteed worden. Dan pak je het probleem bij de wortel aan.
Dit college heeft zich als doel gesteld om in Utrecht de laagste werkloosheid in heel Nederland te realiseren. Maar geen woord over de werkloosheid onder allochtonen. Mij lijkt een mooi nevendoel dat in Utrecht in 2018 de werkloosheid onder allochtonen net zo laag is als de werkloosheid onder autochtonen. Het is hoog gegrepen, ik besef het, maar je moet een stip aan de horizon hebben.
Mario Gibbels